Vier ‘systemen’
zijn van invloed op het uiteindelijke resultaat van leren, op het waarneembaar gedrag:
· een bepalende of zelfs eisende omgeving als input;
· de leerstijl(en) van het lerende individu;
· de vigerende managementstijl;
· de optionele begeleidingsstijlen.
Met betrekking tot leren
is de omgeving een gegeven: context, de keuze van de leider voor een bepaalde visie en strategie. Alleen wanneer de context
verandert, ontstaat een impuls voor verandering. Een kleine correctie: voor een nieuwe context kan je ook kiezen c.q. voor
een andere context kan je kiezen.
De andere drie beïnvloedende
systemen hebben ieder hun eigen dynamiek maar hebben ook nog eens invloed op elkaar: supra-dynamiek.